


De betekenis van een Dojo is tevens die van tempel waar in de sfeer van het Zenboeddhisme het Budo (de weg van de krijgskunst) wordt beoefend.
Het Japanse woord Dojo kunnen we als volgt ontleden:
![]()
Do
Do staat voor de weg, het middel, de straat. Dit kan letterlijk zijn, maar ook symbolisch of filosofisch zoals in de weg van de mensheid, de weg van de samoerai, de weg van de kunstenaar, enz.
![]()
Jo
Jo is ‘plaats' of ‘site'.
![]()
Dojo
Letterlijk, “plaats van de weg”, is de Dojo oorspronkelijk de plaats waar de weg van Boeddha of het Boeddhisme beoefend werd. Later werd deze naam gebruikt om de oefenzaal aan te duiden waar de samoerai zich oefenden, maar het is meer dan enkel een trainingszaal. Het is tegelijkertijd een heilige ruimte en een oefenzaal.
Het oorspronkelijke religieuze karakter van de Dojo wordt vandaag nog steeds gesymboliseerd door de aanwezigheid van een kamiza of shinzen. Het is een altaar dat opgedragen is aan de goden of de overleden voorgangers. Bij Aikido plaatsen we de foto van O-sensei met een gevoel van respect voor wat hij ons nagelaten heeft (Tokonoma).
Het spirituele aspect van de Dojo ligt hierin dat we naar de Dojo komen om budo te beoefenen.
Dit wil zeggen dat we een lichamelijke en geestelijke zuivering zoeken om onze persoonlijkheid te ontwikkelen, onze kennis te vergroten, onze grenzen te verleggen en capaciteiten te vergroten, onze geest te zuiveren en onze geestkracht hierdoor te vergroten.