Home Dojo's Info

BERLARE

BRUGGE

ERPE-MERE

AIKIDO

EEN TERUGBLIK IN DE GESCHIEDENIS

Om de traditionele manier van werken beter te begrijpen is het interessant om even terug te gaan in de tijd en te kijken hoe de traditionele Dojo werkte en nog belangrijker op welke manier er onderricht werd gegeven. Ook O Sensei had les gekregen van verschillende meesters, zowel op technisch als op spiritueel vlak. Hij combineerde al deze dingen samen met zijn ervaringen die hij tijdens oorlogen opdeed om uiteindelijk tot Aikido te komen.

Voor Morihei Ueshiba was Aikido meer dan alleen maar een gevechtskunst. Aikido was een manier om één te worden met de goddelijke krachten in het universum. Zoveel is vrij algemeen bekend onder de hedendaagse beoefenaars van het Aikido. Maar er is nauwelijks kennis beschikbaar over de precieze aard van Ueshiba's visie. Wat was de invloed van religieuze stromingen op zijn gedachtegoed? Wat waren die goddelijke krachten dan wel en hoe konden ze zich in de mens openbaren?

Eén van de meest bekende mensen die zich met die vragen intensief heeft beziggehouden was een Amerikaan. Een zeker John Stevens woont al sinds lange tijd in Japan en geeft les in boeddhistische studies aan een school in Sendai. Hij is een kalligrafiekenner en heeft een aantal boeken gepubliceerd die zich met het onderwerp bezighouden. John Stevens was leerling van Shirata Sensei (één van de oudste leerlingen van Ueshiba). In 1987 verscheen de eerste Engelstalige biografie van Morihei Ueshiba en heette: “Abundant Peace” (er is een Nederlandstalige versie onder de naam “Levende Vrede” ISBN 90-74484-01-8). Het boek leest heel vlot, maar veel lezers vonden het boek toch te gekleurd door de auteur. Een aantal zaken bleven matig beschreven in het boek. De invloed van Daito Ryu-technieken van Ueshiba's leraar Takeda en de banden van Ueshiba met extreemrechtse militaire groeperingen in de jaren twintig en dertig konden beter uitgediept worden. De evolutie van Ueshiba gaande van de vooroorlogse visie op oorlog en vrede tot zijn spirituele visie over Aikido verdienden meer aandacht. De werkelijke historische ontwikkeling toont echter een wat gecompliceerder beeld. Daito Ryu, dat afstamt van de geheime gevechtstechnieken van de Aizu-clan, heeft helemaal niets met enige religie te maken en is puur gericht op het overwinnen van de tegenstander. De uit de Japanse middeleeuwen bekende krijgsscholen als de Katori Shinto Ryu en de Kashima Shinto Ryu zijn nooit verbonden geweest met Zen, maar met esoterische scholen van boeddhisme en Shinto. Deze scholen zijn voor de westerse geest moeilijk begrijpbaar, omdat zij stammen uit een magische denkfase. Het denken van Ueshiba stond geheel in deze traditie.

 De geschiedenis van de mensheid is ook de geschiedenis van oorlog. Iedere natie heeft geworsteld in zijn pogingen om vrede te hebben, een toestand die ironisch genoeg steeds een toename teweegbracht van militaire macht. Terwijl de Koude Oorlog tussen Oost en West over is, wordt deze vrede onder grote spanning in een delicate balans gehouden door de militaire machten. De eeuwenoude Japanse gevechtskunsttechnieken werden ontwikkeld als gevechtsmethoden onder de strijders van de Japanse burgeroorlogen (1467-1568). Sommige historici denken dat de notie van Jujutsu zelfs daarvoor geboren werd (1336-1573), maar dit is niet zeker. Jujutsu werd zowel opgenomen door de Oda als de feodale regeringen (of Azuchi-momoyamo periode, 1568-1603) en groeide en bloeide in de Toku-gawa periode (of Edo periode (1603-1867). Uiteindelijk kwam er een tijd zonder oorlog, en de belangrijkheid van moreel en spiritueel inzicht groeide in Jujutsu. Het is niet alleen gegroeid in het bezitten van technische vaardigheden, maar ook in de capaciteit van karaktervorming, waarvan het ultieme doel is waardigheid te ontwikkelen. Aiki-Jujutsu, een van de traditionele Japanse technische gevechtskunstsystemen, was gevestigd door meester Saburo Yoshimitsu Shinra van de Minamoto familie en bleef in het bezit van de feodale clan van de Aizu. Terwijl het strikt vertrouwelijk werd gehouden, werd de gevechtskunst enkel geleerd aan mensen in hoge rang die bij de clan hoorden. Tijdens de late Tokugawa periode werd Jujutsu in de Aizu clan geleid door Meester Soemon Takeda van de Daito-ryu Aiki-Jujutsu. Zijn opvolger en belangrijkste volgeling was Tanomo Saigo, goed gekend als een royalist. Meester Sokaku Takeda was een kleinzoon van Soemon, maar men zegt ook dat Sokaku was ingewijd door Saigo in de Jujutsu-school. De oprichter van Aikido, Morihei Ueshiba, was een van Sokaku Takeda's studenten. Daarnaast werd Ueshiba getraind in Judo en zwaardkunst. Toen heeft hij Aikido opgericht. Hij zei dikwijls "Aikido is het georienteerde kompas om de hemelse aarde te bouwen". In 1930 heeft Meester Jigoro Kano, de stichter van Judo, Morihei Ueshiba bezocht in zijn residentie in Tokyo. Hij was onder de indruk van de demonstratie van de jonge Ueshiba. Hij merkte op: "dit is wat ik echte budo noem". Het is bekend dat in zijn latere jaren meester Kano sommige leerlingen - Mioru Mochizuki inbegrepen - zond om te studeren bij meester Ueshiba.

 Binnen de wereld van de Japanse martiale kunsten begon Morihei Ueshiba in de jaren dertig de aandacht te trekken met zijn eigen ontwikkelde stijl, die voortborduurde op wat hij had geleerd van Sokaku Takeda, de meester van het Daito Ryu aikijiujitsu. Ueshiba had in 1915 op 31-jarige leeftijd voor het eerst kennis gemaakt met Takeda, die vrijwel zijn hele leven door Japan trok en in zijn levensonderhoud voorzag door het geven van wat we nu werkwinkels en seminaries zouden noemen. In de jaren na 1915 trainde Ueshiba intensief met Takeda. Later begon hij zijn verhouding met zijn leraar nogal belastend te vinden, maar hij heeft nooit de band met hem verbroken. In Ueshiba's eerste Dojo in Ayabe (1922) was de naam van zijn stijl nog Daito Ryu Aikijitsu. In de Dojo's die hij vanaf 1931 in Tokio had veranderde de naam van de stijl regelmatig, onder andere in Kobukan Aiki Budo, Ueshiba Ryu Jiujitsu, Tenshin Aiki Budo, tot in 1942 (vlak voor Takeda's dood) uiteindelijk gekozen werd voor Aikido.

Een terugkerend verhaal is dat van Takeda, die tot in de jaren dertig nog regelmatig, de zeventig inmiddels al gepasseerd, de Dojo van zijn leerling komt binnenvallen om de boel op stelten te zetten. Ueshiba zorgde er dan meestal voor dat hij buiten de stad verbleef. Uit de verhalen komt Takeda naar voren als een persoon met een wantrouwend en gewelddadig karakter. Tegenwicht tegen Takeda's humeur en veeleisende persoonlijkheid vond Ueshiba vanaf 1922 bij Onisaburo Deguchi, de leider van de religieuze sekte Omoto-kyo. Deguchi (die van Takeda zei “ die man ruikt naar bloed en geweld ”) had miljoenen volgelingen, die geloofden dat hij voorbestemd was een hemels rijk op aarde te vestigen. De eerste Dojo van Ueshiba in Ayabe was in de daar gevestigde Omoto-gemeenschap en hij trad ook op als lijfwacht van de goeroe. De hele Aikidofilosofie van Ueshiba is doordrenkt van de concepten en van de zuiveringsoefeningen van de Omoto-kyo. Ueshiba's verbondenheid met de Omoto-kyo was niet naar de zin van de hooggeplaatste militaire en politieke leiders als admiraal Takeshita, die hem vanaf eind jaren twintig ondersteunden. Ze lieten hem overkomen naar Tokio, hem trainingen leiden aan militaire academies, en hem zelfs een demonstratie geven voor de keizer. Het blijkt dat O Sensei eerst zei: “Ik kan geen leugen laten zien aan Zijne Keizerlijke Majesteit.” Ware uitoefening van zijn kunst betekende immers het doden van de partner: dat deze zou opstaan en opnieuw aanvallen was een leugen. De keizer verklaarde echter genoegen te nemen met de leugen.

 Deguchi had een slechte naam bij de Japanse politie, omdat hij verdacht werd van smaad t.o.v. het Hof: hij zou zichzelf als de ware keizer beschouwen. In 1935 bestormde de politie het Omoto-hoofdkwartier en werden Deguchi en zijn voornaamste volgelingen gearresteerd. Ueshiba ontkwam alleen aan zijn arrestatie dankzij zijn beschermheren bij leger en politie. Tussen Ueshiba's leerlingen die wel en die niet lid waren van de Omoto-kyo bestond een spanningsveld. Op een trainingskamp zongen Shioda en Nakakura door de hymnen van de Omoto-volgelingen heen. Dit werd ze door O Sensei niet in dank afgenomen. Nakakura verbrandde in 1935 na de arrestaties meteen alle in de Dojo aanwezige rollen die door Deguchi waren geschilderd.

 De krijgstechnieken van Takeda en de spiritualiteit van Deguchi werden door O Sensei samengebracht in zijn Aikido. De techniek werd nog meer verfijnd door de ervaringen van zijn leerlingen in het vooroorlogse Japan en de wederzijdse ervaringen in de oorlog.

 Het Aikido ontwikkelt door Morihei Ueshiba heeft zijn huidige vorm na de Tweede Wereldoorlog gekregen. De technische basis van Aikido is voornamelijk afkomstig van Daito Ryu-aikijiujitsu. Sokaku Takeda (1860-1943), de leraar van Ueshiba, systematiseerde zijn kennis van de gevechtstechnieken van de krijgers van de Aizu-clan maakte die openbaar aan zijn leerlingen. Oorspronkelijk waren de technieken geheim en werden van clanlid op clanlid overgebracht. De openbaring van Takeda was een stijlbreuk met het verleden. Een fundamenteel verschil tussen Aikido en Daito Ryu zijn echter de ethische concepten die Ueshiba in zijn eigen stijl invoerde. Deze concepten en zijn ervaring van een dynamische harmonie in het universum, die in Aikidotechnieken een vorm kan krijgen, leerde Ueshiba van Onisaburo Deguchi (1871-1948), leider van de religieuze Omoto-sekte waarin veel elementen uit esoterische Japanse religies als Shinto en Shingon terug te vinden zijn.

 Vanaf de jaren vijftig, toen Ueshiba zelf teruggetrokken leefde in Iwama (zo'n 60 kilometer van Tokio), heeft Aikido zich over de gehele wereld verspreid. Van Ueshiba's voornaamste leerlingen: Tamura, Kenji Tomiki, Minoru Mochizuki, Gozo Shioda, Koichi Tohei, en van zijn zoon Kisshomaru Ueshiba, stammen vrijwel alle huidige Aikidoscholen af.

 Aikikai. De Aikikai stamt direct af van Ueshiba's vooroorlogse Dojo in Tokyo. Aikikai-shihan (-meesters) als Toichi Kohei (geb. 1920) speelden een belangrijke rol in de internationale verspreiding van het Aikikai, die met duizenden aangesloten Dojo's verreweg de grootste van alle Aikido-scholen is. Na Ueshiba's dood in 1969 nam zijn zoon Kisshomaru als tweede ‘Doshu' (leider van de weg, of op de weg, of opweg) de leiding op zich. Dit leidde tot een breuk met Tohei, die zijn eigen ideeën over ki-training meer centraal wilde stellen. De Aikikai wil niet alleen martiale aspecten onderwijzen, maar ook het concept van Aikido als middel tot zelf-discipline en verbetering. In het officiële curriculum zijn de technieken beperkt en vereenvoudigd. Aikikai is organisatorische paraplu waar een heleboel verschillende leraren met soms zeer uiteenlopende stijlen onderdak hebben gevonden. Tot de oudste nog levende Aikikai-leraren behoren Shigenobu Okumura, Morihiro Saito (die de Dojo in Iwama voortzet), Sadateru Arikawa, Hiroshi Tada en Shoji Nishio. Het enige gevaar dat deze organisatie in zich draagt, is dat ze zich gaat gedragen als een echte federatie en een visie gaat opdringen aan alle Dojo's. De acteur Steven Sagal is één van de meest gekende “Hollywood”-leerlingen uit de Aikikai-school.

Yoshinkan. Opgericht in de jaren vijftig door Gozo Shioda (1915-1994), een vooroorlogse leerling van Ueshiba. Shioda claimde trouw te zijn gebleven aan het vooroorlogse Aikido. Zijn stijl kenmerkte zich door strakke, kata-achtige bewegingen. Sinds zijn dood is Kiyoyuki Terada de belangrijkste Yoshinkan shihan.

Shinshin Toitsu Aikido, door Tohei in 1974 opgericht na zijn breuk met de Aikikai. Bij ons is deze stijl bekend onder de naam 'ki-Aikido'. Deze school benadrukt het gebruik van ki, de dynamische kracht in het universum. Een juist gebruik van ki lost alle problemen op, zo is de indruk die je uit boeken van Tohei als ‘Ki in Daily Life' krijg.

Tomiki Aikido. Kenji Tomiki (1900-1979) was een gevorderde judoka en een van de oudste leerlingen van Ueshiba. De theoretische concepten van Kano, de grondlegger van het judo, combineerde hij met Aikido om een wedstrijdvorm van Aikido te scheppen: iets waar Ueshiba zelf uitermate op tegen was. De belangrijkste Tomiki Aikido-volgelingen zijn Tetsuro Nariyama en Fumiaki Shishida.

Yoseikan Aikido. Geschapen door Minoru Mochizuki (geb. 1907), net als Tomiki een succesvolle judoka en een van de oudste leerlingen van Ueshiba. Hij combineerde in zijn Yoseikan-stijl elementen uit Aikido, judo, karate en Katori Shinto Ryu bujitsu. Bij ons is Yoseikan beter bekend als Aiki Budo, de naam van de school van Mochizuki's Franse leerling Alain Floquet die er ook weer elementen van de Daito Ryu van de zoon en opvolger van Takeda aan toevoegde.

Het traditionele Aikido en Alain Peyrache (klik hier voor meer info). Tamura was één van de leerlingen van O Sensei die vooral in Europa actief was. Voornamelijk in Frankrijk. Alain Peyrache was, na het volgen van enkele meesters in Europa, op zijn beurt leerling van Tamura. Er werd altijd heel veel waarde gehecht aan de traditionele stijl. Aikido moet ontdaan worden van franjes, zo simpel mogelijk. Het is geen danspartij of theatervoorstelling. In een gevecht zijn er maar twee mogelijkheden “leven” of “dood”. Er moet ook respect zijn voor traditie en het oorspronkelijke gedachtegoed van Morihei Ueshiba, waarbij “1 Sensei, 1 Dojo” als kerngedachte heel belangrijk is. Alain Peyrache brak ook met de federaties om het Aikido van Morihei Ueshiba zoveel mogelijk te kunnen beleven zoals het oorspronkelijk door O Sensei was bedoeld.

Er zijn nog tal van kleinere scholen en ook veel Dojo's die liever onafhankelijk blijven. Het resultaat is dat het Aikido vandaag een fascinerend palet vormt.

 Als we wat opzoekingwerk doen dan is het fascinerend om te zien dat er minsten een tiental visies gevonden kunnen worden op de persoon van O Sensei en op de ontstaansgeschiedenis van het Aikido, zonder dat die nog eens de weergave van een geschiedschrijver ondergaan. Een aantal leerlingen van Ueshiba waren immers al vergevorderd in andere vechtkunsten: Mochizuki en Sugino als leerlingen van de Kodokan, het judo-hoofdkwartier van Kano, Nakakura als leerling van de kendomeester Nakamura, Tenryu als succesvol sumo-beoefenaar. Het is niet ondenkbaar dat zij beïnvloed werden door de andere technieken die zij ernaast bestudeerden.

Volgende Vorige